vrijdag 26 november 2010

Clown Sarah treedt weer op

Ik ben nooit fan geweest van Sarah Palin, ik geef dat eerlijk toe. Haar levenswandel volg ik daarentegen wel heel graag. Op een donkere dag weet ze toch altijd het juiste te zeggen om iedereen weer op te vrolijken.

Dat deed ze gisteren ook weer. Op een moment dat iedereen zich ongerust maakte over een mogelijke oorlog in Azië tussen Noord- en Zuid-Korea, kreeg zij iedereen aan het lachen. Ma che dice, vraagt iedereen zich nu af?

Wel, in een interview met Glenn Beck beantwoordde ze een vraag over de Koreaanse dreiging als volgt: "Het is duidelijk dat we onze Noord-Koreaanse bondgenoten moeten bijstaan." Voor wie het niet weet: in de jaren '50 stonden de VSA en Rusland daar tegenoverelkaar. De VSA steunde en steunt Zuid-Korea, Rusland het communistisch bewind van Noord-Korea.

Weet Palin dat dan niet? Waarschijnlijk wel. Maar soms overwint het kind in haar en wordt ze heel even clown Sarah. Het leven ziet er daarna weer heel wat beter uit!

zaterdag 20 november 2010

€250 000 schadevergoering voor pester

"€250 000 schadevergoeding voor pester". Ja, ik las het goed: "250 000 Euro voor de pester". Ik dacht nog, nu heeft De Standaard zich toch serieus mistypt. Maar nee, de pester kreeg de schadevergoeding.

U heeft het misschien ook gevolgd? In de papierfabriek van Mactac werd ene Daniel M. jarenlang vreselijk gepest, zelfs gefolterd, door zijn collega's. In 2008 nam Mactac eindelijk een beetje verantwoordelijkheid op zich en ontsloeg de drie ergste kwelduivels. Denkt u dat ze thuis gingen nadenken over wat ze een ander mens hebben aangedaan? Neen, Lucien J. stapte naar zijn vakbond (ACV). Samen dienden ze klacht in want het ontslaan was nu toch echt niet meer nodig. Daniel M. was toch al opgestapt.

Moest ik rechter zijn, ik zou meneer Lucien eens goed uitlachen om hem vervolgens op zijn daden te wijzen. Maar dit gebeurt niet in onze Belgische rechtbank. Ocharme meneer Lucien, bent u ontslagen. Wacht anders laten we de fabriek €250 000 schadevergoeding betalen. Want dat mochten ze toch echt niet doen met u.

Toen ik dat allemaal gelezen had, wist ik niet met wie ik het meest meedelijden moest hebben. Daniel M. die jarenlang gesard werd, maar wel een gezin had die hem graag zag en door dik en dun steunde. Of Lucien J. die zo onzeker is dat hij zijn macht moet tonen door anderen te kleineren. Of de vakbond die zich moet bezig houden met daders te helpen en onschuldigen uit te buiten omdat ze enkel dan gedaan krijgen waarvoor ze streden. Of de Belgische rechtbank die zo aan regels gebonden is dat ze criminelen niet kan vervolgen, maar ze integendeel moet belonen.

Weet u het misschien?

woensdag 17 november 2010

Mannen en lesbische relaties

Gisteren sprak Frank Comhaire, een Gentse professor-emeritus, de volgende zinnen uit: "Ik wil niet veralgemenen maar toch, het valt me op dat lesbische partners vaak complementair zijn. Er is bijna altijd één dominante partner. Meestal is dat de hoogst opgeleide, of de vrouw met de sterkste lichaamsbouw. Daarentegen staat dan vaak een meer vrouwelijke partner. Bijna altijd zal de vrouwelijke partner de moeder worden. Lesbische koppels hebben die rolverdeling altijd heel goed met elkaar doorgesproken eer ze naar ons komen. Soms lukt het niet om de vrouwelijke partner zwanger te maken. In dat geval wordt meestal vlot geswitcht en zal de andere partner het moederschap op zich nemen. Maar meestal met de eicel van de vrouw." Dit meldde het Nieuwsblad naar aanleiding van de dubbele zwangerschap van Ann Wouters en haar vrouw Lot Wielfaert.

De uitspraak van Comhaire deed me toch even schrikken. Al jaren proberen in België holebiverenigingen en individuen begrip voor holebi's op te roepen. Een van de punten is dat homoseksuele koppels niet te vergelijken zijn met heteroseksuele koppels. Blijkbaar proberen zelfs professoren nog altijd om homoseksuele koppels in het traditionele plaatje te passen. Zijn twee vrouwen samen, dan moet automatisch één van de twee mannelijker zijn dan de andere. Ik kan u vertellen dat is niet zo. Elke vrouw heeft zogenaamde 'mannelijke' en 'vrouwelijke' eigenschappen. Volgens de heer Comhaire is de meer dominante persoon de man in de relatie. Ik vraag mij hierbij af of de heer Comhaire al eens rondom zich heeft gekeken. Ook in heteroseksuele relaties is het vaak de vrouw die de broek draagt. Ik zou niet diegene willen zijn die tegen de echtgenoten hiervan gaat zeggen dat ze vanaf nu de vrouw zijn. Want uiteindelijk is het dat wat de heer Comhaire zegt.

Dat "twee vrouwen binnen een lesbische relatie meestal complementair zijn", daar kan ik alleen maar blij om zijn. Ik hoop dat alle mensen in hun relatie complementair zijn met hun partner. Anders lijkt het mij dat de relatie niet helemaal goed zit. Wat dit met een homoseksuele relatie te maken heeft, begrijp ik dan weer niet.

Ten slotte verbaasde ik mij ook nog over het laatste zinnetje van de heer Comhaire. Wanneer de ene vrouw niet zwanger raakt, gebruikt de andere de eicel van de eerste om alsnog zwanger te worden. Daar heb ik nog nooit van gehoord (Waarmee ik niet wil zeggen dat het niet waar is, maar dat ik wel geïnteresseerd ben in cijfers). Binnen de lesbische koppels die ik ken, worden de partners om beurt zwanger. Elk met hun eigen eicellen. Ken ik dan echt enkel uitzonderingen?

Wat onthouden we hieruit: proficiat Ann en Lot. En veel succes over enkele maanden wanneer jullie eerst beiden hoogzwanger zijn en daarna moeder zijn van twee kinderen.

P.S.: Meneer Comhaire, als u niet wilt veralgemenen, waarom doet u het dan toch?

maandag 15 november 2010

I've got a good feeling about this

Deze week raadde Caitlin Burke (26 jaar) al met één letter een hele zin in de Amerikaanse versie van Rad van Fortuin. U kent dat spel wel: men draait aan een rad, roept letters en dan moet je een woord/zin vinden. Maar Caitlin kon het dus al na één letter! De gelukkige letter was de 'L', die slechts één keer voorkwam in de zin 'I've got a good feeling about this'.

Was dit opgezet spel? Of had de vrouw een ongelooflijk goed buikgevoel? Weten zullen we het waarschijnlijk nooit. In elk geval is het zeker dat ze door deze winst een reis naar de Caraïben mag maken. Dat zou ik ook graag eens doen. Maar mijn intuïtie is helaas niet zo sterk. Misschien moet ik vrienden worden met Ben Crabbé. Hoewel dat misschien net te veel van het goede is.

Wie het eens wil bekijken: I've got a good feeling about this.

donderdag 4 november 2010

Reactie: Why I blog van Sullivan

In mijn openingsbericht haalde ik al aan dat deze blog de uitkomst is van mijn richting. De man in kwestie die mij dit titanenwerk opdroeg, wilde me wel even de goede weg uit wijzen. 'Waarom reageer je niet op het essay 'Why I blog' van Andrew Sullivan', stelde hij voor.

Wikipedia leerde mij dat Andrew Sullivan een 47-jarige Brit is met een voorliefde voor het Amerikaanse leven. Hij houdt zich bezig met schrijven: zowel editorialen als politieke commentaren en ... sinds een paar jaar is hij ook de trotse eigenaar van een blog.

In zijn bericht 'Why I blog' duidt hij de problemen en gevoelens die ik als beginnende blogger had en nog steeds heb goed aan: It transforms this most personal and retrospective of forms into a painfully public and immediate one. Daarbij voel ik me ook niet zo alleen als ik vaststel dat zelfs een geoefend schrijver als Andrew Sullivan aanvankelijk niet wist wat te schrijven. Er is dus nog hoop voor mij.

Hij duidt daarentegen blogs aan als aantrekkelijk net omdat ze nooit af zijn. Ze zijn kort en moeten telkens aangevuld worden. Daar ben ik het absoluut niet mee eens. Ik vind blogs juist absoluut onaantrekkelijk omdat ze zelfs niet proberen om volledig te zijn. Ze zijn me te vluchtig. Geef mij dan maar een uitgebreide reportage in een tijdschrift. Weliswaar is de spanning er dan wel af. Bij een blog blijf je in spanning wachten op het volgende bericht. Het heeft iets weg van een soap.

Op een ander punt heeft hij dan weer wel gelijk. In blogs vinden alle mensen die iets willen zeggen een medium om het uit te schreeuwen. Dat kan onze kennis alleen maar verrijken. Je geraakt makkelijker bij mensen met dezelfde interesses.

Ook zei hij het volgende: "The proximity is palpable, the moment human—whatever authority a blogger has is derived not from the institution he works for but from the humanness he conveys. This is writing with emotion not just under but always breaking through the surface. It renders a writer and a reader not just connected but linked in a visceral, personal way. The only term that really describes this is friendship. And it is a relatively new thing to write for thousands and thousands of friends."
Dat vind ik nogal vreemd. Het zou nooit in mij opkomen om mensen die reageren op mijn blog ineens als vrienden te beschouwen. Het zijn mensen waarmee je intellectuele uitwisselingen doet. Je kan ze eventueel collega's noemen maar toch geen vrienden. Vrienden zijn mensen waar je in geval van nood naartoe kan gaan. Het lijkt me vreemd dat je dit bij lezers van je blog zou doen. Misschien ben ik van de oude stempel, maar voor mij moet je mensen toch irl leren kennen voor je ze vrienden kan noemen. Mensen hebben nu eenmaal de neiging om anders te zijn online dan in het echt. 

dinsdag 2 november 2010

'Ik wil rijk worden'

Wie droomde er niet van als kind en zelfs nu nog om rijk te worden. En als het enigszins kan nog snel ook. Op de Lotto spelen kan daarbij helpen. Voor diegene die het zelf wat meer in de hand willen hebben, bestaan er krabloten. Tegenwoordig is er echter een nieuwe trend: rijk worden via het internet. Koppen ging vorige week op onderzoek naar de wondere wereld van het rijk worden via internet.

Ik moet het eerlijk toegeven: als ik mensen positief zie praten over Daytraden dan wil ik dat ook proberen. Daytraden is trouwens via internet op de beurs 'spelen'. En aandelen maar een paar minuten bijhouden en dan tegen een beetje winst verkopen. Op een jaar zou je je ingezette vermogen met de helft kunnen verhogen. Geef toe als je dat hoort, dan wil je dat toch uitproberen. Vorig jaar zag ik de film Yes man, naar het boek van Danny Wallace. Onmiddelijk dacht ik: 'dit wil ik uittesten'. Ik kocht het boek en bedacht wat ik met mijn ja-avonturen ging doen.

Zo ben ik dus ook. Als het er leuk uitziet, dan wil ik het proberen. Zelfs als ik weet dat de kans heel klein is, dat het ook effectief klopt. Het objectieve reportageprogramma Koppen liet het natuurlijk aan de kijker over om een conclusie te trekken. Is dat zwak van mezelf? Of wijst het op een avontuurlijke aard? Gelukkig ben ik tegelijk ook een beetje lui. Want hoewel ik al die dingen wel graag wil proberen, kost het nogal veel moeite om het effectief te doen. De ja-avonturen laten nog steeds op zich wachten. Rijk worden zal ook niet voor morgen zijn. Gelukkig maar? Het bespaarde mij alvast veel geld.

p.s.: Als het toch eens lukt, dan laat ik jullie het misschien wel weten.